Op 10-10-1911 brak China met het keizerlijke verleden. Op 10 oktober 1911 sloeg in Wuchang (deelstad van het tegenwoordige Wuhan) na een incident de vlam in de pan. De plaatselijke opstand werd tot de Revolutie van 1911 toen binnen enkele weken de ene na de andere stad en provincie zich tegen de Qing verklaarde. In Nanjing werd door de revolutionaire afgevaardigden de Republiek China uitgeroepen en een regering benoemd met Sun Yatsen als voorlopig president. De revolutie had een voorgeschiedenis van een Manchu Qing-dynastie die steeds meer in zichzelf gekeerd raakte, van een halve eeuw koloniale vernederingen, van opiumoorlogen, boerenopstanden, Taipings en Boxers en mislukte hervormingsbewegingen.
Sun Yat-sen stichtte de Guomindang, de Nationalistische Partij. Maar de revolutie ging niet vanzelf en al snel was de macht in handen van diverse krijgsheren. Sun ging samenwerken met de in 1921 opgerichte Communistische Partij van China. Om de krijgsheren te verslaan moest er een modern leger komen en de basis was een militaire academie die werd geleid door de jonge Guomindang-officier Chiang Kaishek en met de communist Zhou Enlai als politiek instructeur. Het bleek na de dood van Sun Yat-sen in 1925 een wankele samenwerking. Het kwam al snel tot een breuk en die mondde uit in onderlinge strijd. We gaan hier niet verder in op de Lange Mars, de bezetting door Japan en na 1945 een burgeroorlog tussen de twee partijen. In 1949 vluchtte Chiang Kai-shek naar Taiwan en werd in Beijing de Volksrepubliek China uitgeroepen. Beide regeringen beschouwden (en beschouwen zich nog altijd) als het legitieme gezag van heel China, inclusief de provincie Taiwan.
Vandaag hield president Ma Ying-jeou in Taipei een speech ter herinnering van de 100-jarige verjaardag van de Revolutie van 1911. Daarin memoreerde hij dat het doel van Dr. Sun Yat-sen was om een "vrije en democratische natie te vestigen met een eerlijke verdeling van de welvaart" en dat de ROC (Republic of China) er in was geslaagd om op Taiwan een economische en culturele bloei tot stand te brengen. Hij legde de nadruk op de noodzaak van vrede en een toekomst gebaseerd op het principe van "één China", maar met behoud van de status quo van “geen unificatie, geen onafhankelijkheid en geen gebruik van geweld”. Zonder het met zoveel woorden te zeggen (de formuleringen zijn uiterst precair) benadrukte hij Taiwan's beleid van autonomie: "De Republiek China is onze natie, Taiwan is ons thuis. De weg naar voren voor de Republiek en de toekomst van Taiwan liggen in de handen van onze 23 miljoen mensen".
Ondertussen hield president Hu Jintao van de Volksrepubliek China in Beijing ook een speech ter herdenking van de 'Dubbele Tien'. Hu zei dat het doel van Sun Yat-sen, de "nationale vernieuwing" een gezamenlijk steven was aan beide zijden van de Straat van Taiwan. Volgens Hu is "vreedzame nationale hereniging het fundamentele belang van alle Chinezen, inclusief de landgenoten in Taiwan". De Chinese president riep op om "de wonden van verleden te laten helen, een einde te maken aan het antagonisme en samen te werken voor het doel van vernieuwing van de Chinese natie". Tevens memoreerde hij de "1992 Consensus" (na een bijeenkomst van vertegenwoordigers van Taipei en Beijing) dat er "Eén China" is en dat er dus geen sprake kan zijn van Taiwanese onafhankelijkheid.
Beide regeringen zeggen de erfgenamen van Sun Yat-sen en van de Revolutie van 1911 te zijn, beide omarmen de idee van 'Eén China', maar hoewel er op politiek, economisch, cultureel en menselijk vlak sprake is van veel toenadering en samenwerking, wordt de politieke toekomst aan weerszijden van de Straat beduidend anders geïnterpreteerd.
Zelf zien hoe China en Taiwan zich ontwikkelen? Kijk op
www.vnc.nl/china en
www.vnc.nl/taiwan voor de reismogelijkheden.